instagram

De beroepszuurpruim is een ding van het verleden

De eeuw van de massamedia heeft naast een boel goeds, ook veel misverstanden opgeleverd. Een ervan is dat commerciële journalistiek heilzamer is voor de democratie dan de anarchie van de wild om zich heen communicerende burger, die dankzij weblogs en sinds kort Twitter wereldomspannend is geworden. Een megamisverstand van dichterbij is dat kunstkritiek een vak is.

De Retorica en Poëtica van Aristoteles strekken menig kunstcriticus-in-wording tot grote voorbeelden. De kunstcriticus in wording dient dan wel te weten dat beide werkjes voor Aristoteles bijzaak waren. Ook John Manningham, Elisabethaans advocaat en voor menig Shakespearevorser een onmisbare bron van duiding en informatie, was met al zijn kritische beschouwingstalent geen professioneel criticus. Hij was een jurist met een hobby. Het enige juiste en visionaire dat over hem gezegd kan worden is dat hij met zijn kort opgeschreven observaties de eerste twitteraar was. 400 jaar voordat Bizz Stone de techniek voor de wereld beschikbaar maakte.

Toren van Babel

De opkomst van de kranten, na God de eerste massamedia van de wereld, bracht ons ook niet direct de eerste professionele critici. Sterker nog: grote kranten uit Engeland, Frankrijk en de VS vroegen liever bekende figuren uit de wereld van de kunst zelf om met gezag over de konterfeitsels van hun collega’s te schrijven. Pas met de stijging van de werkdruk door het toenemende kunstaanbod kwamen er ook leken bij. Dat waren werknemers van de krant met een speciale liefde voor kunst die al doende het vak leerden en daar vaak grote hoogten in bereikten.

Kunstkritiek groeide uit tot een specialisme en dat werd weer opgedeeld in nieuwe specialismen: theatercritici, filmcritici, literatuurcritici, danscritici, multimediacritici, realistischeschilderijencritici en performancecritici. En nu heeft die journalistiek-kritische Toren van Babel zijn hoogtepunt bereikt: voor iedere stroming is er een criticus. In sommige genres is er zelfs een recensent voor iedere kunstenaar.

Nieuws is gratis

Hoe bizar deze situatie is wordt nu pas duidelijk. Immers, wat een kleine conjunctuurcrisis leek voor de kranten blijkt een revolutie die aan de grondvesten van de massamedia raakt. De datalijnen komen niet meer samen in de gebouwen aan Fleet Street of de Wibautstraat. Ze maken nu rechtstreeks tweerichtingsverkeer mogelijk tussen ieder mens en de rest van de wereld. Het core-product van de kranten blijkt  ieders core-product geworden te zijn.

Nieuws is wat het altijd al was: gratis. Meerwaarde is plotseling onduidelijk. Uitgevers en hoofdredacteuren moeten zich opeens iedere minuut afvragen waartoe zij op aarde zijn, en daarom zoeken ze naar zondebokken die nog nuttelozer zijn dan zij zelf. En jawel: daar zit hij: de kunstjournalist. Bewoner van een ivoren toren binnen het bedrijf, schrijvend over de ivoren torens daarbuiten. Nutteloos vet, ballast die overboord moet om het neerstorten van de heteluchtballon die de oude bedrijven zijn uit te stellen. Want dat de neergang van de dagbladkritiek slechts een voorbode was van de neergang van de dagbladsector zoals wij die kennen, behoeft geen verdere toelichting. Hierin was de kunstkritiek dan trendsetter. Een eigenschap die de kunstcriticus zichzelf maar al te graag aanmeet. Maar wel ten koste van de eigen bestaanszekerheid.

Tussenhandel

De grootste vernieuwing die internet tot nu teweeg heeft gebracht is die van het wegvallen van de tussenhandel. Op alle gebieden is er rechtstreeks contact mogelijk tussen maker en afnemer. Daardoor stijgt de druk aan twee kanten. De maker moet zijn product aan zoveel mogelijk mensen bekend maken. De koper moet tussen alle kaf kunnen herkennen wat koren is. Werden zij vroeger in die keuze gestuurd door reclame en begeleid door deskundige opinies in de media, nu moeten de kopers het onderling bepalen.

In dat rechtstreekse onderlinge contact ontstaan vanzelf nieuwe zwaartekrachtgebieden. Vreemd genoeg ontstaan die zelden in de buurt van de traditionele mediabedrijven. Het eigen vriendennetwerk blijkt plotseling de meest waardevolle bron van informatie, en bovendien één die per seconde nieuws genereert. Ook als het gaat om informatie over wat kunst is, wat kunst mooi of lelijk maakt en wat kunst aan je leven toe te voegen heeft.

Herdefiniëren

De beroepscriticus heeft het dus moeilijk, en krijgt het nog moeilijker. Net als zijn collegajournalisten zal hij zijn vak moeten herdefiniëren. Hij wordt niet langer gedekt door een bedrijf dat hem status en gezag verleent. Dus zal hij die status en dat gezag op eigen houtje moeten verwerven. Hij zal zelf de stem moeten worden naar wie mensen op zoek gaan als ze behoefte hebben aan duiding, uitleg of hulp bij hun keuze.

Dat kan, maar niet alle bestaande critici zullen dat kunnen. Zij zullen overstemd worden door een nieuwe generatie publicisten, die zich meer thuis voelt in de wereld van internet. Publicisten die de taal spreken van hun luisteraars of lezers. Publicisten die weten op te vallen, en dat zonder de dekking van een deftig bedrijf.

Netwerk

Mocht dit vreemd klinken uit de mond van iemand die zojuist een Cultureel Persbureau heeft opgericht? Dat is minder vreemd dan het lijkt. Immers: wij zijn geen mediabedrijf. Geen uitgeverij. We zijn een netwerk. Even dun en vloeibaar als je het wilt zien. Maar even goed in staat om meerwaarde te verlenen aan de individuele journalisten die er deel van uitmaken, als om meerwaarde te ontlenen aan de journalisten in het netwerk.

Maken de kranten deze omslag naar een nieuwe bedrijfsstructuur, dan is er nog hoop voor ze. Maar ik vrees het ergste, nu ik zie hoe makkelijk ze zich laten verleiden door bouwers van tabletcomputers. Die spiegelen hen immers een papierloze toekomst in een glazen doosje voor? Ze vertellen er niet bij, dat in dat glazen doosje niet alleen dat tijdschrift, maar ook de hele wereld verstopt zit.

De krant zal ook in de iPad moeten concurreren met de echte bronnen van het nieuws. Die slag is bij voorbaat verloren, tenzij individuele journalisten ervoor zorgen dat ze minstens even belangrijk worden als die echte bron.

(Geschreven in 2010)

 


Also published on Medium.

Meer schrijfhulp?

Schrijf je in voor de nieuwsbrief.

Scroll Up