instagram

Halina Reijn over Halina Reijn: ‘Repeteren is zó gênant. Repeteren is zo afgrijselijk.’

Ze mocht eerder van de toneelschool, omdat ze er niets meer kon leren. Sinds haar debuut als Ophelia tegenover Jacob Derwig in Theu Boermans’ Hamlet is Halina Reijns ster alleen maar verder gestegen. Ze is de muze van Ivo van Hove, zoals ze de muze was van Theu Boermans. Maar haar generatiegenoten kiezen inmiddels voor een ander pad, buiten de veilige muren van de Amsterdamse Stadsschouwburg.

Het is natuurlijk een enorme eer om niet alleen bij het beste gezelschap van Nederland te werken, maar ook nog eens te gelden als de muze van de leider van dat gezelschap, Ivo van Hove. Al kun je er ook weinig aan doen, zoals Halina Reijn terecht opmerkt aan het begin van ons gesprek, het schept ook een verantwoordelijkheid. Immers: zonder muze is de kunstenaar inspiratieloos. Dat is best een last op de schouders van de bijna 37-jarige actrice, beaamt ze:

‘Ik vind dat zelf niet alleen maar leuk. Zoals Ivo mij misschien nodig heeft, voelt het andersom nog veel afhankelijker. Ik dien ook maar één meester. Zodra er andere meesters of meesteressen op het toneel verschijnen heb ik daar verschrikkelijk moeite mee. Ik heb één keer onder een vrouwelijke regisseur gewerkt bij Toneelgroep Amsterdam, en dat was niet echt een succes. Misschien zal er nog een stap naar volwassenheid moeten komen die dat ondervangt. Het is een mes dat aan twee kanten snijdt: aan de ene kant heeft het veel voordelen want ik ga een heel intense verhouding aan met een regisseur die allesomvattend is. Ik lever me daar voor duizend procent aan over. Dat heeft heel erg te maken met autoriteit, met genialiteit, en dan kan ik ook dat blinde vertrouwen geven. Als dat niet duizend procent is, dan ga ik heel snel bokken. Dan moet ik mezelf echt hard bij de les roepen.’

 Maar idealiter moet het natuurlijk wederzijds zijn: gaat de regisseur even hard voor jou als jij voor de regisseur gaat?

‘Ik denk dat de regisseur misschien nog wel kwetsbaarder is dan de acteur. Als acteur voer je uiteindelijk alleen maar uit wat hij bedenkt. En wat hij bedenkt is – vooral in het gesubsidieerde toneel – natuurlijk een enorme uitspraak vanuit de diepste krochten van zijn ziel. Dus als je dan materiaal treft dat zich helemaal aan je overgeeft… De relatie die ik had met Theu en ook met Ivo is dat ik heel erg het fundament begrijp van hun kunstenaarschap. Ik zou het niet eens in woorden kunnen vertellen, maar ik begrijp de diepste drive van waaruit ze willen maken wat ze maken. Daar verbind ik me aan. Amoreel, dus zonder erover te oordelen. Zij zijn kunstenaars die op zoek zijn naar duisternis, al zit er ook heel veel humor bij. Ik ben bereid om met hun die duisternis in te gaan. Ik ben niet iemand die begint met vragen stellen. Misschien maakt dat me wel een mindere actrice, maar ik zeg niet eerst: ‘hoezo?’, of ‘Weet je wat ik bedacht heb thuis…’. Ik ben een soort Robocop die blind gaat voor de opdracht.’

Je sprak over jezelf net ook als ‘materiaal’.

‘Zo voel ik me wel. Maar ik heb in het repetitielokaal helemaal niet het gevoel dat ik een enorm onderdeel ben van de creatie. Ik ben daar in een soort trance. Dan heb ik echt aan één woord genoeg. Ik ben helemaal één met hun.’

‘Het proces waar ik nu in zit met Thibaud Delpeut voor de rol van Nora, is een heel ander soort proces. Misschien ook veel leerzamer voor mij, want Thibaud biedt ruimte waarin we allemaal ideeën kunnen leveren. Thibaud is net zo’n talent als Ivo of Theu, maar hij is gewoon jonger. Dat is een andere machtsverhouding. Maar de verhouding van de vader en de dochter is voor mij de verhouding waarin geen woorden meer nodig zijn.’

 Over Theu Boermans en Ivo van Hove spreek je als ‘toneelvader’. Thibaud  Delpeut is ongeveer even oud als jij.

‘Mijn toneelbroertje. Dat is totaal anders, en niet te vergelijken. De enige overeenkomst is dat Thibaud ook repertoire maakt en heel erg intelligent is en heel goed zijn huiswerk doet. Dat vind ik al heel erg belangrijk.’

Nu praat je bijna als zijn juf.

‘Het is wel een andere verhouding. Theu en Ivo waren alfa-mannetjes: heel autoritair. Ik word daar heel rustig van. Bij Thibaud was ik in het begin in paniek: wat wil je dat ik doe, waar gaan we naartoe, wie ben jij, waar zitten je grenzen? Dat was moeilijk voor me. Maar nu merk ik dat ik het ook heel spannend vind omdat hij me heel veel vrijheid geeft. Nu blijkt dat ik meer uit mezelf kan halen. Hij heeft wel degelijk een hele grote wil. Voor een regisseur vind ik dat heel erg belangrijk. Hij kan me wel aan. Dat klinkt allemaal misschien heel kinderachtig, maar er zit een behoefte in mij, of ik nu in een echte of in een werkrelatie zit, aan een gevoel dat iemand tegen me bestand is. Als iemand bang voor me is, word ik zelf ook heel bang. Dat voelt heel onveilig, als iemand tegenover je heel erg geïntimideerd is.’

Kan ook andersom, natuurlijk.

‘Ik kom ook veel mensen tegen die ervan genieten om macht over me te hebben. Soms, op een filmset, voel ik hoe opwindend iemand het vindt om me van hot naar her te sturen. “Nu kan ik die Halina Reijn eens even gebruiken om een tekening mee te maken.” Natuurlijk heb ik dat zelf gecultiveerd door me met Theu en Ivo zo als materiaal te laten gebruiken, maar dat betekent niet dat iedereen dat met mij mag doen. Het is zoiets intens als ik me overgeef: dat kan alleen als ik iemand voor duizend procent vertrouw. Als dat onwennig gebeurt kan ik me heel erg aangerand voelen.’

Aangerand?

‘Repeteren is zó gênant. Repeteren is zo afgrijselijk. Bijvoorbeeld vandaag. Moet ik een dansje doen terwijl er allemaal mensen om me heen staan, en dat dansje moet overgaan in iets dat heel sexy is, en dan overgaan naar bezetenheid. Dat is zo eng om zomaar uit te proberen. Het is al eng om nu voor jou te gaan staan en een gedichtje voor te gaan dragen. Dus ik doe het niet makkelijker omdat ik acteur ben. Het kost heel veel moeite en gêne. Dus ik wil dat alleen maar doen als ik voor duizend procent zeker ben dat jij, of ieder geval jouw poging, voor mij klopt. Het mag totaal mislukken, maar de poging moet kloppen. Als ik daarover twijfel, of niet geloof in je oorspronkelijkheid, dan kan ik het letterlijk ook niet meer. Dan ga ik uitwegen bedenken. Ik moet dan even bellen, of plassen. Dan ga ik letterlijk weg. Maar dat kan niet. De sfeer moet dus onontkoombaar zijn. Je moet van die duikplank af durven springen.’

Je hebt wel de reputatie dat je er ook in de kleinste deelrepetitie voor de volle honderd procent induikt.

‘Dat is mijn makke. Daardoor heb ik een heel slechte energieverdeling en raak ik heel snel overwerkt. Ik kan het niet half doen. Ik kan het wel doen, maar dan komt het niet in mijn lichaam, dus dan ervaar ik niet. In deze periode sta ik heel vroeg op. Om half acht gaat de wekker, dan ga ik tekst leren, dan spreek ik af met de souffleur om me te overhoren, dan ga ik repeteren, de hele dag op full speed, dan heb ik nog dansles. Daarna rustig naar huis, koken. Rustig worden, en dan weer leren en dan slapen. Het is een monnikenbestaan.’

Als je tenminste niet ’s avonds ook nog moet spelen of naar DWDD moet.

‘Het is veel, inderdaad. In zo’n verbinding met zo’n gezelschap is het een beetje alles of niets. Dat is ook een spanningsveld. Een paar van mijn leeftijdsgenoten vertrekken daarom.’

Je hele vriendenclub is inmiddels weg: Fedja van Huêt, Jacob Derwig, Barry Atsma…

‘Ik vind dat natuurlijk heel erg. Ik ben daar best wel door uit het lood geslagen. Dat zijn wel echt mijn vrienden. Ik begrijp het ook heel goed. Ze hebben allemaal hun eigen redenen, en er is ook een soort natuurlijk verloop na tien jaar. Dus is het logisch. Maar het ligt ook aan het gezelschap: we werken hier zo dat je er heel weinig naast kunt doen. Vroeger was dat anders. We werkten hier om mooie dingen te maken met Ivo, maar daarnaast konden we ook nog een mooie film doen, een tv-serie. Dat kan bijna niet meer omdat we aan het internationaliseren zijn, en alles op het repertoire houden.’

En nu er een aantal acteurs afvalt, en is de makkelijkst weg te zetten voorstelling ‘la voix humaine’: je reist nu in je eentje de wereld over.

‘Dat klopt. Soms voelt het wel zo dat ik het in mijn eentje aan het opknappen ben. Tot voor kort kon ik met Barry, Fedja en Jacob de druk heel goed verdelen. Als gezicht naar buiten toe. Maar ik ben echt zó verliefd op dat toneel. Ik ben zó een toneelactrice in hart en nieren, dan ik geen behoefte heb om in te gaan op de aanbiedingen die ook ik regelmatig krijg. Van alle theaterinstanties die mij benaderen is dit hier, bij Toneelgroep Amsterdam, wel de ultieme plek. Als wij in New York spelen staan al die grote Amerikaanse acteurs te trappelen om met Ivo te werken. Waar wordt je talent getest? Hier natuurlijk. Op wereldniveau staat Ivo in de top tien van de beste regisseurs. Daar weegt voor mij niks tegenop. Ik heb daar heel veel schepen voor verbrand, heel veel geld aan me voorbij zien vliegen.’

Ben je er niet ook bang voor dat je nooit meer met Ivo zal werken als je hier weggaat? Met Theu heb je ook nog maar één keer gewerkt.

‘Het bedrijf heeft als beleid dat je hier met een vast contract exclusief toneel speelt. Omdat we over de hele wereld spelen en alles op het repertoire houden moet Ivo natuurlijk een stal hebben van acteurs. Als hij gaat werken met freelancers kan hij nooit al die stukken op het repertoire houden. Als we werken volgens het Duitse systeem moet je zo’n vast ensemble hebben. En dat heeft meer voordelen: als je zoiets gênants moet doen als ik vandaag moest doen, dan is het een voordeel als je elkaar totaal vertrouwt. Zeker met hoe ik ben, gedij ik heel erg binnen dat gezin dat TA is. Ik vind ook niet alleen het acteren leuk, maar ook de nagesprekken, de voorgesprekken, de educatie, de scholenbezoeken. Dat bedrijf biedt me dat allemaal. Ik kan overal over meedenken. Als freelancer zou ik dat allemaal ontberen.’

 Gouden werkkracht, jij.

‘Mijn vader heeft me bijgebracht dat het bezit van een groot talent ook verplichtingen met zich meebrengt. Dat is misschien een heel erg softe opvatting, maar ik wil dat talent graag schenken aan iemand die er iets mee doet waarvan ik denk dat het nuttig is. Namelijk: mensen verontrusten, mensen in de war schoppen, mensen aan het lachen krijgen, maar ook mensen heel erg confronteren. Ik vind Ivo zo’n mens. Als ik heel eerlijk ben, ben ik bang dat ik als freelancer een soort winkeltje ga beginnen met mijn talent, en de krenten uit de pap ga kiezen. Nu verbind ik me aan iets heel groots. Aan de kunst. Als ik ga freelancen word ik voor mijn gevoel iemand die ergens wat doet. Natuurlijk, als ik naar Tjitske Reidinga kijk, ben ik strontjaloers: wat vet dat je gewoon drie jaar lang zelf mag bepalen wat je speelt en met wie. Ze mag haar tv-series bedenken, ze verdient tien keer zoveel als ik, en ik vind haar ook nog eens een heel erg groot talent, dus ik bekijk haar met heel erg gezonde jaloezie. Ik ben een kleiner onderdeel, maar voor mij is dat kunstenaarsaspect wel essentieel. Dat weegt elke keer op tegen de twijfel. Steeds weer kies ik voor Ivo en mijn broertjes en zusjes. Ik heb verder ook geen gezin. Dit is alles wat ik heb, en daarvoor ben ik ook letterlijk geboren.

 opeens gingen al mijn vriendinnen in een keer naar links, begonnen te trouwen en kinderen te krijgen, en nu loop ik achter

Dat gaat voor mij zo diep, en dat is total verbonden aan Ivo van Hove.’

 Op een gegeven moment komt de dag dat je oudere vrouwen moet gaan spelen. Duurt nog heel lang, maar toch.

‘Ik denk daar nu niet echt over na. Ik denk wel heel erg na over sterfelijkheid, vergankelijkheid en de dood. Maar dat heb ik altijd al gehad. Ik ben best wel oud van geest. Ik heb nu pas het gevoel dat mijn leeftijd klopt bij wie ik ben. Ik voel me nu veel senanger in mijn lijf en ben blij met hoe ik eruit zie. Er was vroeger veel meer verschil met hoe ik dacht en hoe mijn uiterlijk was. Dat valt nu veel meer samen. De dood is altijd al mijn kompaan geweest. Dat alles doodgaat, dat je rimpels krijgt, dat ik weer plaats moet maken voor de volgende, dat vruchtbaarheid eindigt, besef ik maar al te goed.’

‘Toen ik nog maar net van de toneelschool af was zag ik al wat voor effect ik had op oudere vrouwen. Ik heb me toen heel erg goed gerealiseerd dat mij hetzelfde lot wachtte. Op het toneel en in de film speelt vruchtbaarheid een belangrijke rol. Mannen kunnen heel lang doorgroeien en vaak juist op latere leeftijd tot bloei komen. Bij vrouwen is het bloeimoment heel erg kort. Tot nu toe heb ik daar niet echt last van. Er is nu een nieuwe jonge actrice in het gezelschap, Hélène Devos, en ik vind het heel fijn dat ik aan haar dingen kan overdragen. Ik hoop ook dat zij dat zo voelt, dat ik haar veel warmte geef en altijd voor haar klaar wil staan. In tegenstelling tot wat ik zelf heb ervaren, toen ik zo jong was. Ik heb gevoeld hoeveel venijn er kan uitgaan van oudere actrices. Dat is natuurlijk pure paniek, maar het is ook de natuur. Ik zelf voel niet de behoefte om jonge meisjes te vermoorden. Wat ik wel ervaar is een diepe behoefte aan overdragen.’

‘Tegelijkertijd neemt ook de drang om mijn footprint op de aarde te zetten heel erg af. Hele andere dingen worden belangrijk. Ik vind goede recensies inmiddels al minder belangrijk dan de vraag of het wel goed gaat in de groep.’

 Wat is het verhaal dat jij te vertellen hebt?

‘Ik vertel mijn verhaal indirect. La Voix Humaine, Het Temmen van de Feeks, daar zit zoveel van mij in. Dat is ook waarom Ivo en ik zo close zijn. Ik heb een grote fascinatie voor macht. Binnen de liefde, in een bijna sadomasochistische verhouding. Dat soort dynamiek interesseert me heel erg: geweld en seksualiteit op een diep, universeel niveau: wat zijn de diepe beweegredenen voor mensen om tot geweld over te gaan. Het gaat over controle versus totale overgave. Ivo zal dat vast niet willen, maar voor mij gaat het heel erg over de positie van de vrouw. Over emancipatie en dat dat eigenlijk helemaal niet kan. Dat we eigenlijk gewoon dieren zijn die gedomineerd willen worden door sterke mannen die oorlogen over ons voeren. We zijn allemaal Helena van Troje, terwijl we aan de andere kant een enorme agressie en kracht in ons hebben. Al die stukken die ik speel gaan daarover. Het Fifty Shades of Grey gevoel, maar dan doorgetrokken naar iets universeels.’

Ik kan via Ivo die verhalen vertellen op zo’n niveau dat ik elke avond mezelf daar op het toneel neerleg. Maar natuurlijk heb ik ook de behoefte om dat een keer te doen in een vorm die helemaal alleen maar van mij is. Daarom heb ik plannen voor een film, en voor een eigen regie.’

Je bent 37. Sommige mensen denken dan dat je een enorme kinderwens moet hebben.

‘Het is in mijn vriendenclub een dagelijks onderwerp van gesprek. Ik heb er veel over nagedacht. Als ik op een onbewoond eiland zou wonen en niet door de maatschappij was beïnvloed, zou ik helemaal geen probleem hebben. Maar nu is het anders. Ik liep vroeger altijd voorop in alles. Op school was ik de beste, ik werd van de toneelschool geplukt. Ik was koploper. Maar opeens gingen al mijn vriendinnen in een keer naar links, begonnen te trouwen en kinderen te krijgen, en nu loop ik achter. Opeens doe ik niet meer mee. De criteria zijn ook verlegd: vroeger ging het erom of je de juiste studie zou doen, en of je je passie in het leven zou vinden. Toen ging het om werk. Ik was de hit. Nu ben ik opeens de failure, volgens de maatschappij. Dat ging ik mezelf tenminste aanpraten. Vroeger vond ik het geen issue of ik nu wel of geen kinderen zou krijgen. Maar nu blijkt dat veel meer een taboe dan ik eerst dacht. De keuze om geen kinderen te nemen (niet dat het bij mij een bewuste keuze is), is vele malen complexer dan wel kinderen krijgen. Want iedereen loopt de ene kant op, en zelf loop je in je eentje de andere kant op. Dat voelt heel eenzaam. Het is wel degelijk iets waar ik onder lijd, maar ik heb geen vriendje en ik heb ook geen kinderwens tegen alle klippen op. Ik wil alleen een kind van een man op wie ik verschrikkelijk verliefd ben. Maar ik heb zo’n ongelooflijk vol leven, dat er ook niet echt een kinderwens bij past. Maar ik voel wel een klok, al is dat een sociale afspraak. En ik weet ook dat ik op feestjes met leeftijdsgenoten die allemaal succesvol zijn en leuke gezinnen hebben, de gekke artistieke tante ben. Alsof ik niet goed terecht gekomen ben. Zo zijn we gecultiveerd om te kijken. Ik krijg ook zoveel opmerkingen van andere vrouwen, die het egoïstisch van me vinden. Die vinden dat ik teveel met mijn carrière bezig ben. Dat doet me best veel pijn. Ik denk namelijk dat ik heel leuk ben, maar dat het ook moeilijk is om als vrouw in mijn positie een partner te vinden die daar zin in heeft. In mijn leven is dat vaak lastig. Maar ik vind mezelf niet te egoïstisch. Alleen: diep in mijn hart ben ik supergelukkig, heb ik de leukste vriendenkring van de hele wereld en werk ik in de beste toko die er te vinden is. Dat weegt op tegen het verdriet wat ik soms ook voel.’

Halina Reijn is dit seizoen bij Toneelgroep Amsterdam te zien in De Russen!, Het temmen van de feeks, Husbands, Kinderen van de zon, La voix humaine en Nora. Meer informatie via tga.nl.

Geschreven in opdracht van het tijdschrift TM

 

Scroll Up