instagram

Oude Meesters – UCK







Oude Meesters van start

Een
klant komt een dierenwinkel binnen.

Klant:
Goedemiddag. Ik wil een klacht indienen.

(Geen
antwoord)

Klant:
Mevrouw?

Winkelier:
Hoe bedoelt u: 'Mevrouw?'

Klant:
Het spijt me. Ik ben verkouden. Ik wil graag een klacht indienen.

Winkelier:
We gaan net met lunchpauze.

Klant:
Laat dat maar even zitten, jongeman. Ik heb een klacht over deze
papegaai, die ik nog geen half uur geleden in deze winkel heb
gekocht.

Winkelier:
O, ja. De, eh, de Blauwe Noor. Watte, Wat is er mis mee?


We
zijn weer begonnen. De inmiddels succesvolle cursus
Oude Meesters
, waarmee het Utrechts Centrum voor de Kunsten
cursisten leert dat theater meer is dan alleen maar gezellig samen
improviseren. We deden al eens een cursus die in 2005 leidde tot een
Kersentuin op Fort Vechten , en vorig jaar stonden er opeens mensen
Shakespeare's As You Like It te spelen.

Ik
heb me uitgeleend om kris kras door de theatergeschiedenis een aantal
stukken te kiezen, waaruit we fragmenten gaan repeteren. Visies
vergelijken, het verschil en de overeenkomsten opzoeken tussen
Tsjechov, Shakespeare en Euripides. Lachen op rijm met Molière.
En we beginnen natuurlijk met de grootste klassieker van de moderne
theaterkunst, die alleen op tv te zien was. De Dead Parrot-Sketch van
Monty Pythons Flying Circus. Om erin te komen.

Hier
is de rest…

Klant:
Dat zal ik eens precies vertellen, jongeman. Hij is dood. Dat is er
mis mee.

Winkelier:
Welnee. hij eh, Hij slaapt.

Klant:
Nou moet u eens goed luisteren, maat. Ik herken een dode papegaai uit
duizenden. En dit is een heel duidelijk voorbeeld.

Winkelier:
Nee, nee. Hij is niet dood. Hij slaapt. Prachtvogel, de Blauwe Noor,
toch? Die verenpracht.

Klant:
De veren doen er even niet toe. Hij is morsdood.

Winkelier:
Welnee, welnee. Hij slaapt.

Klant:
Goed dan. Als hij slaapt, zal ik hem even wakker maken. (Schreeuwt
naar de kooi)
Hallo Meneer Polly de Papegaai! Ik heb een lekker
jummie vers visje voor je, als je misschien…

Winkelier
(mept de kooi): Kijk eens aan, hij bewoog.

Klant:
Dat deed hij niet. Dat kwam omdat u tegen de kooi mepte.

Winkelier:
Dat deed ik niet.

Klant:
Dat deed u wel.

Winkelier:
Ik heb helemaal nooit niks gedaan!

Klant:
(Schreeuwt en slaat herhaaldelijk tegen de kooi)
Hallo Polly!!!!
Testing, testing testing, testing! Dit is de wekker van negen uur!
(Hij neemt de Papegaai uit de kooi en slaat deze met het hoofd op
de toonbank. Gooit hem vervolgens de lucht in en kijkt hoe die ter
aarde stort.)
Als dat geen dode papegaai is.

Winkelier:
Nee, nee. Hij is bewusteloos.

Klant:
Bewusteloos?!

Winkelier:
Ja. U heeft hem verdoofd, net toen hij wakker werd. Blauwe Noren
raken heel makkelijk verdoofd, meneer.

Klant:
Nu moet je eens goed luisteren. Makker. Ik begin hier een beetje
genoeg van te krijgen. Die Papegaai is overduidelijk dood en toen ik
hem nog geen half uur geleden hier kocht verzekerde u mij dat zijn
totale gebrek aan beweeglijkheid te wijten was aan vermoeidheid en
uitputting vanwege een lange periode van vrolijk gekrijs.

Winkelier:
Nou. Hij is,… Hij treurt om de fjorden.

Klant:
Treurt om de fjorden? Wat is dat nou weer voor gebazel. Luister.
Waarom viel hij plat op zijn rug op het moment dat ik thuiskwam.

Winkelier:
Blauwe Noren liggen graag op hun rug. Prachtvogel, niet? Meneer?
Hemels verenkleed.

Klant:
Luister goed. ik ben zo vrij geweest om de papegaai bij thuiskomst
aan een klein onderzoekje te onderwerpen en daarbij heb ik ontdekt
dat de enige reden waarom hij op zijn stokje zat, gelegen lag in het
feit dat hij daarop vastgespijkerd zat.

(pauze)

Winkelier:
Maar natuurlijk zat hij vastgespijkerd. Als ik die vogel niet had
vastgespijkerd, was hij aan die tralies gaan knagen, en had hij ze
uit elkaar gebogen met zijn snavel en VOEM! Fiewiewiewie!

Klant:
Voem? Meneer. deze vogel zou geen voem zeggen, al zou je er vier
miljoen volt doorheen jagen. Hij is verdomde verscheden.

Winkelier:
Nee. Hij treurt.

Klant:
Hij treurt niet. Hij is er geweest. De papegaai is niet meer. Hij is
eruit gestapt. Hij is verlopen en in de Heere opgegaan. Hij is een
lijk. Van het leven beroofd, hij rust in vrede. Als u hem niet aan
zijn stokje had gespijkerd lag hij nu zes voet onder de zoden. Zijn
metabolische processen zijn thans geschiedenis. Hij is het hoekje om.
Heeft de plaat gepoetst. Zijn pijp aan maarten gegeven. Hij heeft het
aardse bestaan voor de eeuwigheid verruild, het doek laten vallen en
zingt thans in der engelen koor. Dit is een ex-papegaai.

(pauze)

Winkelier:
Nou. In dat geval moeten we hem vervangen, hè. (Hij kijkt
even snel achter de toonbank)
Het spijt me, uwedele. Ik heb de
hele winkel doorzocht en eh, de papegaaien zijn helemaal op.

Klant:
Ik snap het. Ik snap het. Ik krijg wel zo'n idee.

Winkelier:
Ik heb een naaktslak.

(Pauze)

Klant:
Vertel. Kan hij praten?

Winkelier:
Nou, niet echt.

Klant:
Wel. Dan kunnen we dat niet echt een serieuze vervanger noemen, toch?

Winkelier:
N-Nee. Dat denk ik niet (Schaamt zich)

Klant:
Nou dan.

(Pauze)

Winkelier
(zachtjes): Zullewe… zullewe… even naar mijn kamer gaan?

Klant: (Kijkt rond) Ja. Is goed. Ok.

Meer schrijfhulp?

Schrijf je in voor de nieuwsbrief.

Scroll Up